Zamjatin, Orwell en Huxley in één boeiende cocktail. Over John Dickinsons WE


johndickinsonDe dystopische ‘sf-roman voor jongeren’ van de Engelse schrijver John Dickinson verscheen in 2010 onder de titel WE. Lang geleden dat ik nog zo’n spannende jeugdroman in dat genre las, om precies te zijn van de jeugdboeken Jan Monter bouwt een radiotelescoop, hier ‘geshaket’ met Fredric Browns Huwelijksexperiment op de maan en een snuifje McDonalds Planeet van de dromers (respectievelijk uit 1961, 1968 en 1970, én allemaal bewaard in onze bibcollectie !). Doordat veel hedendaagse ethische vragen centraal staan, is WE echter meer dan louter een jongerenroman (14+) en kan je het boek net zo goed lezen als een filosofische roman.

Waarover gaat WE? In een niet nader omschreven toekomst wordt communicatiespecialist Paul Munro op missie gestuurd naar een ver voorbij de grenzen van ons zonnestelsel opgebouwde voorpost. Die blijkt gevestigd op een uiterst koude maan die rond een gasachtige reuzenplaneet cirkelt, te vergelijken met ‘onze’ planeet Jupiter. Om in die barre omstandigheden zelfstandig te kunnen functioneren moet Munro volledig losgekoppeld worden van het gemeenschappelijke kennis- en sociale netwerk op aarde, d.i. letterlijk afkicken van het zogenaamde World Ear (het allesomvattend internet dat via een chip direct geïntegreerd is in het brein, het WE uit de titel). Tijdens een acht jaar durende slaapreis overbrugt hij de afstand naar zijn nieuwe leefwereld, waarvan hij niet kan terugkeren. Dat is de ‘situering’, door Dickinson treffend uitgewerkt in maar enkele pagina’s. Daarna concentreert hij zich de hele roman lang op de menselijke relaties tussen de (slechts vier!) mensen die het maanstation bevolken en op de ethische problematiek waarmee mensen waar dan ook binnen of buiten onze wereld moeten omgaan.

En deze vier bevinden zich echt ‘buiten’ de wereld, fysiek en mentaal; ze noemen zichzelf daarom de ‘laatste mensen’, nl. zij die een alternatief kunnen bieden tegen de door het WE van elk individueel bewustzijn beroofde wezens op aarde. Verbluffend is dat Dickinson daar geen ellenlange beschouwingen voor nodig heeft, maar in enkele ‘klassieke’ crisismomenten (zelfmoord, zwangerschap, uitsluiting, gemeenschappelijke vijand) en heel veel scherp aangezette dialogen – hij zou uitstekend toneel kunnen schrijven – zowat alle kanten van het menselijk handelen belicht: de omgang met een supermacht/superbewustzijn als het WE (die zowaar het zelf denken, spreken en voelen overbodig maakt), de totale controle via camera’s en verplichte rapportering, de misverstanden van de democratie, zelfzuchtige genen, en… buitenaards leven (maar dan niet volgens de sf-stereotypen, zoals een personage het correct formuleert: we weten niet of het leven is, want hoe zouden we herkennen wat buitenaards is?).
Huxley’s Brave new world (maar dan dicht bij het absolute nulpunt) en Orwells 1984 achterna, met een knipoog naar Zamjatin, maar in een totaal eigen stijl, spannend en filosofisch tegelijk. ‘Even in space, humanity has the potential to be its own worst enemy,’ concludeerde de recensent van The Guardian.

En doordat communicatie een kernmotief is, verankerd in de hoofdpersoon en in het WE-netwerk, doet deze sf-roman erg hedendaags aan, zonder een moment aan geloofwaardigheid in te leveren. Bij momenten zijn de karakters wat afgevlakt ten voordele van de filosofische ontwikkeling, maar verder evolueert het verhaal vlot via enkele verrassende wendingen en spaarzaam vrijgegeven ‘geheimen’ van personages en systemen. Helaas nog niet vertaald, maar in erg sober Engels geschreven.

John Dickinson (Londen, 1962) schreef ook middeleeuwse fantasy en historische romans. Hij is de zoon van de veelbekroonde detective- en kinderboekenschrijver Peter Dickinson en debuteerde in 2004 met The cup of the world. Daarna schreef hij nog twee fantasyromans voor jongeren, het vervolg The widow and the king en The fatal child.
Dickinson is natuurlijk schatplichtig aan Tolkien, maar hield als lezer ook veel van KiplingC.S.Forester en sf-schrijfster Ursula Le Guin.
In 2008 verscheen zijn eerste historische roman voor volwassenen, The lightstep, die in Duitsland speelt in 1797 en middels een Belgische Patriot (die in allerlei intriges en spionagemileus verzeilt) de ideeën van de Franse revolutie reveleerde. Voor hij in 2002 fulltime begon te schrijven, werkte hij 17 jaar als analyst binnenlandse zaken voor het Britse Ministerie van Defensie en hielp hij Oost-Europese staten lid worden van de NAVO. Dat belooft voor andere dystopieën of utopieën.

Bekijk de animatie-intro van WE hier. De auteur kan je volgen op deze site.

Jean-Paul Den Haerynck, afdeling Taal en Literatuur

Zamjatin, Orwell en Huxley in één boeiende cocktail. Over John Dickinsons WE

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s