Berichten getagged Geschiedenis

GELEZEN: Wereldrijk voor een dag van “Tijgermoeder” Amy Chua

Amy Chua, hoogleraar aan de universiteit van Yale en dochter van Chinese immigranten in de VS werd  door haar ophefmakend, autobiografisch opvoedingsboek in 2011 bekend als de “Tijgermoeder”. Minder mensen weten dat ze  in een  eerder gepubliceerd boek “Wereldrijk voor een dag”  probeerde de opkomst en val van hypermachten in de wereldgeschiedenis te verklaren.

Hypermachten en tolerantie

Haar centrale, uitdagende en originele stelling in dit boek is dat tolerantie een essentiële voorwaarde was van alle staten die ooit “hypermachten” zijn geworden. Een hypermacht moet alle andere gelijktijdige rivalen overtreffen, zij mag noch economisch, noch militair inferieur zijn aan die rivalen en haar macht moet zich uitstrekken over een immens gebied op aarde.Volgens Chua waren enkel deze rijken hypermachten: Het Perzisch-Achaemenidische rijk, het Romeinse Rijk, China onder de Tang-dynastie, het Mongoolse rijk, het Nederlandse wereldrijk in de 17de eeuw, het Britse rijk in de late 18de en 19 de eeuw en de Verenigde Staten na de val van het communisme.

Ongeacht de enorme verschillen tussen die hypermachten waren ze volgens de auteur tijdens hun opmars naar werelddominantie allemaal “buitengewoon pluralistisch en tolerant”, althans naar de maatstaven van hun tijd. “Tolerantie” heeft voor Chua immers niets te maken met de mate van geweld dat een Rijk gebruikte om die positie te verwerven of andere staten te koloniseren, anders kon je geen enkele hypermacht tolerant noemen. En al evenmin iets met hedendaagse noties over mensenrechten of politiek-culturele gelijkheid tussen groepen. In Chua’s boek is “tolerantie” de “mate van vrijheid die individuen of groepen van verschillende etnische, religieuze, raciale en taalkundige of andere achtergrond wordt vergund om samen te leven, te participeren en vooruit te komen in de maatschappij.”

Intolerantie

Je zou kunnen tegenwerpen dat Chua bewust en wat eenzijdig enkel die wereldrijken die  haar “tolerantie”-stelling zouden moeten illustreren als “hypermachten” beschouwt: Het valt op dat ze bv. het enorme islamitische  rijk van de Abbasiden en nog een aantal andere niet in haar rijtje hypermachten plaatst. Volgens Chua waren veel christelijk-Europese en islamitische rijken immers niet tolerant, zeer repressief en vielen ze voortdurend ten prooi aan interne godsdienstoorlogen. Katholiek 16de-eeuws Spanje bv.: de Inquisitie en de religieuze intolerantie die haar moslim- en Joodse bevolking op de vlucht dreef was volgens haar de reden waarom Spanje ondanks haar kolonies nooit uitgegroeid is tot een economische en militair dominerende hypermacht, zoals de Verenigde Provinciën en het Britse rijk nadien wel konden.

Racistische intolerantie binnen en buiten de eigen staat en brutaal, nietsontziend geweld tegen de bevolking van reeds veroverde gebieden waren belangrijke redenen waarom zowel Nazi-Duitsland als haar As-bondgenoot Keizerlijk Japan in de 20ste eeuw zeer snel verslagen werden en de kans niet kregen om uit te groeien tot een hypermacht.

Chua beschouwt openheid voor immigratie en culturele en religieuze verdraagzaamheid als absolute voorwaarden voor de ontbolstering van een hypermacht. Want de economische impuls teweeggebracht door opname van gekwalificeerde groepen, die juist door andere staten werden buitengesloten was vaak cruciaal voor hun opgang. De aftakeling van deze hypermachten zette zich juist  in naarmate ze zich steeds intoleranter en repressiever gingen gedragen.

Conclusies

Het boek rond af met een aantal actuele “lessen van de geschiedenis”, waarin Chua ook politieke conclusies trekt. Chua kantte zich tegen de militaristische politiek en het intoleranter wordende en immigratie afschrikkende binnenlands beleid van de vorige Amerikaanse president W. Bush.
Door haar enorme ambitieuze opzet mist Chua’s betoog regelmatig wat nuance en komt het soms wat simplistisch en eenzijdig over – zeker als ze historische vergelijkingen maakt. Maar hoe dan ook is Chua’s zeer originele en gedurfde boek een aanrader.

Tijgermoeder

Enkele jaren na “Wereldrijk voor een dag” zorgde “Strijdlied van een tijgermoeder”, Chua’s opvoedkundig boek wereldwijd voor héél wat meer opschudding omdat het de te “lakse” Westerse opvoeding in vraag stelde. In dat boek beschrijft en verdedigt ze als Amerikaanse van Chinese afkomst de harde “Chinese” opvoeding, die ze haar eigen dochters gaf.

Wouter, collectieverantwoordelijke geschiedenis

Geef een reactie

GELEZEN: India: de geschiedenis van de grootste democratie ter wereld

De Indische historicus Ramachandra Guha schreef met “India: de geschiedenis van de grootste democratie ter wereld” een standaardwerk over de geschiedenis van India vanaf de onafhankelijkheid (1947) en de moord op Mahatma Gandhi tot en met 2007. Onvoorstelbaar hoeveel bronnen en achtergrondliteratuur deze auteur wel heeft geraadpleegd. Een dergelijk omvattend en synthetisch naslagwerk over de moderne Indiase geschiedenis, vanuit het Indische perspectief zelf, werd tot nu toe nog niet geschreven.

Dat de auteur een grote verdediger is van de pluralistische, seculiere en multiculturele Indische liberale democratie blijkt uit quasi elk hoofdstuk. Guha maakt voortdurend de tegenstelling met de islamistische, dictatoriale staat Pakistan zonder de conflicten éénzijdig te belichten. Hij is niet te beroerd om ook India’s misstapen in bv. Kashmir, de meest heikele en gevaarlijkste kwestie van Zuid-Azië te belichten of de oorspronkelijke angst en weerzin voor politieke decentralisatie te duiden. Nehru, India’s eerste premier en zijn pacificatiepolitiek komen positief uit het boek te voorschijn. Het is volgens de auteur politiek gezien vooral beginnen mislopen (corruptie, zelfverrijking, nepotisme…) sinds het premierschap van Indira Gandhi (India’s derde premier en Nehru’s dochter) en de opflakkering van de religieuze tegenstellingen in de laatste decennia.

Ook de onophoudelijke Westerse onheilsvoorspellingen over het politieke lot van India sinds WO II tot de recente economische boom worden de grond ingeboord. India was bij de onafhankelijkheid  de “grootste gok in de geschiedenis” maar is desondanks uitgegroeid tot “de grootste democratie ter wereld”, voor 50 % geslaagd: er zijn verkiezingen, er is vrijheid van meningsuiting, alleen zouden de politieke instellingen beter kunnen functioneren. Positief is ook dat de auteur niet alleen de binnen- en buitenlandse politieke geschiedenis van India en de religieuze, kaste- en etnische spanningen onder de loep neemt maar ook ruim aandacht heeft voor de economische, sociale en culturele ontwikkelingen en tegenstellingen. Dit boek is verplichte stof voor iedereen die zich een meer dan oppervlakkig beeld van India wil vormen.

Wouter, collectieverantwoordelijke geschiedenis

Geef een reactie

Erfgoeddag 2012: “Helden” in de bib

Zondag 22 april heeft de 12de Erfgoeddag  plaats met als thema  “Helden” . 550 erfgoed-organisaties (waaronder musea, archieven, erfgoedbibliotheken, heemkundige kringen… ) verspreid over heel Vlaanderen bieden je een programma van 800 activiteiten die je met ons helden-erfgoed kennis laten maken. Je vindt ze in deze brochure  (ook in gedrukte vorm in de bib verkrijgbaar).

In Gent zijn er 44 organisaties die meedoen – het Gentse programma kan je hier bekijken. Er is o.a. een “heldenroute” gemaakt. Deze leidt je langs een selectie helden die een standbeeld of gedenkplaat in Gent verwierven.  Gent telt overigens vele heldhaftige figuren: Jacob van Artevelde, Lieven Bauwens, Edward Anseele, Keizer Karel, Dr. Jozef Guislain en vele anderen, elk met hun eigen  verhaal. Verdienden zij hun heldenstatus wel ? En klopt  hun beeld in de populaire cultuur wel met de realiteit ? Wat is overigens een “held” ? Wat zegt de populariteit van zo’n helden over het tijdvak en de samenleving waarin zij bejubeld werden ? 22 april kan je antwoorden op  deze en vele andere vragen krijgen.

Zijn er “Helden” in de bib ? In elk geval vind je momenteel op een themastandje op de 3de verdieping in Bib Zuid boeken over de Gentse helden en boeken over het heldendom doorheen de geschiedenis.

Geef een reactie

De Stadshal en andere veelbesproken gebouwen in het centrum van Gent

De bibliotheek kocht recent het nieuwe boek van Pieter van Aalst. In ‘Korenmarkt & Sint-Niklaasparochie’ bespreekt de auteur straten en gebouwen in het centrum van Gent. Deze uitgave van Ultima Thule is het meest recente in een reeks over o.a. Het Oud Begijnhof, de Vrijdagmarkt, De (of het) Zuid.
Het boek is een mix van geschiedenis en hedendaagse wetenswaardigheden over Gent. Per straat worden de meest markante gebouwen en handelszaken besproken.
Het boek begint in de Bennesteeg (zijstraat van de Mageleinstraat), een straatje met een kwalijke reputatie tot in de jaren 1960. In één van de duistere gelegenheden werd eens een dubbele onopgehelderde moord gepleegd. De oudere Gentenaar herinnert zich nog dat geen deftig mens daar zaken had.
Als u nog eens op de Groentenmarkt komt, kijk dan eens naar het Galgenhuis, daar kunt u nog de resten van de schandpaal zien waar in 1436 Jan Scotte met een papier op zijn borst heeft gestaan omdat hij vilaine woorden op den edelen persoon van onsen prince ende naturliken heere ghesproken heeft.
Mosterdzaak Tierenteyn en Bakkerij Himschoot blijven niet onbesproken. Over Tierenteyn: “De hier verkrijgbare mosterd wordt nog steeds gemaakt volgens het oude recept zonder toevoeging van smaakstoffen.” Over Himschoot: “Broodverbeteraars worden niet gebruikt en het brood rijst op een natuurlijke manier.”
Het boek gaat de controverse niet uit de weg. Over de Stadshal in opbouw worden alle meningen weergegeven, inclusief de vele bijnamen die het gebouw ondertussen gekregen heeft waarvan de schaapsstal wel de meest bekende is.

Als u enkele uren leesgenoegen wilt beleven en iets opsteken over uw eigen stad kunt u het boek bij ons lenen. Het is beschikbaar op de derde verdieping in de kast Gent en in de themazaal op het gelijkvloers in Bib Zuid en in de filialen.

 Kristine De Messemaeker, Collectie Gent 3de verdieping

Geef een reactie

De zeventiende eeuw dichtbij: Samuel Pepys

Er zijn zo van die boeken die je ooit wel eens zult lezen maar nu niet. Je kent ze wel maar je komt er niet toe om ze op te zoeken.
De dagboeken van Samuel Pepys stonden jarenlang op mijn ooit-te-lezen-lijstje.
Tot er een mail kwam van een lener die niet in de buurt van de bibliotheek woont en die vroeg om een paar zinnetjes uit Pepys door te sturen. De zinnetjes stonden op pagina 850 van The shorter Pepys (short is nog steeds meer dan 1000 bladzijden).

Het jaar is 1667, de plaats is Londen.

Waked about 7 a-clock this morning with a noise I supposed I heard near our chamber, of knocking, which by and by increased, and I more awake, could distinguish it better; I then waked my wife and both of us wondered at it, and lay so a great while, while that encreased; and at last heard it plainer, knocking as if it were breaking down a window for people to get out. (…) We lay both of us afeared; yet I would have rose, but my wife would not let me; besides, I could not do it without making noise; and we did both conclude that thiefs were in the house; (…) When Jane came and we demanded whether she heard no noise, she said ‘Yes, and was afeared’ but rose with the other maid and found nothing, but heard a noise in the great stack of chimneys that goes from Sir J. Mennes’s through our house, and so we sent, and their chimneys have been swept this morning, and the noise was that and nothing else.

De dagboeken zijn fascinerend: ze brengen de zeventiende eeuw dichtbij. Ze zijn trouwens tijdeloos. Daarom bewaren we ze in het magazijn.
Als je de Nederlandse vertaling verkiest: ook die kan je bij ons lenen.

De titel zegt alles over de inhoud:

Geheim dagboek of, Mijn journaal over de onstuitbare opkomst van Mr. Samuel Pepys, Esquire, ambtenaar bij de Marine, door hemzelf van dag tot dag argeloos en overbloemd opgetekend in de roerige jaren van 1660 tot 1669 onzes Heren, bevattende een intiem verslag van het herstel van de monarchie, de grote pestepidemie en de grote brand van Londen, huiselijke, huwelijkse en persoonlijke perikkelen van velerlei aard alsmede de grote en langdurige zee-oorlogen met de Hollanders et cet. et cet.

Kristine De Messemaeker

Reacties (2)

GELEZEN: Het Geuzenboek door Louis Paul Boon (1979)

Louis Paul Boon, 100 jaar geleden geboren in Aalst en er op 10 mei 1979 overleden, heeft met de postuum uitgegeven historische fictie Het Geuzenboek een tour de force in zijn laatste levensjaren verwezenlijkt.

In een meeslepende stijl, herinnerend aan Pieter Daens (1971) over de sociale strijd in de 19de eeuw tegen het onrecht en de armoede in Aalst, vertelt Boon over de soms gruwelijke historische feiten en figuren uit de 16de eeuw. Tegen de opeenvolgende katholieke Spaanse machthebbers (Keizer Karel, Filips II, de hertog van Alva), de paus in Rome en hun corrupt geloof, droomt hij met de protestanten en/of de geuzen (Lutheranen, Wederdopers, Calvinisten) van een nieuwe, rechtvaardiger maatschappij met een echte, meer persoonlijke religiebeleving.

Deze Boon boeit mij vooral omdat hij als een nar-schilder, verwant met Pieter Brueghel de Oude (zie ook kaft van de eerste druk met een detail uit De moord op de onschuldige kinderen), de machtigen hekelt en partij kiest voor de arme opstandige “mensjes” of “het grauw” die een naam, een ambacht en een gezicht krijgen. Overigens spiegelt Boontje zichzelf en zijn werk ook in deze historische roman. De rederijker-onderwijzer Jan Onghena noemt Boon een “soort verboemeld genie”, wellicht denkend aan de dagelijkse rit met een boemeltreintje naar zijn werk als journalist in Gent ; de opstandige ketters beschrijft Boon als “opschietend onkruid”, een knipoog naar zijn romans over de nieuwe jeugd van de jaren 60 in de twintigste eeuw Het nieuwe onkruid (1964) en Als het onkruid bloeit (1972).

Boon beschouwt in zijn roman Gent als het belangrijkste bolwerk en symbool van de geuzenopstand in Vlaanderen tegen de rooms-katholieken. Dus Het Geuzenboek is ook een inspirerend boek voor een wandeling doorheen de Gentse geschiedenis met onder meer haltes in het Prinsenhof (geboorteplaats van Keizer Karel, 1500), de Onderstraat (het Hof van Ryhove, een van de leiders van de Calvinistische Republiek in 1577, samen met Jan van Hembyze), het Sint-Baafsplein (de Sint-Baafskathedraal, waar de “vurige stem” van de Calvinistische prediker Pieter Dathenus weerklonk).

Joël Neyt, Literair Gent

Geef een reactie

Nacht van de Geschiedenis: Dranken en Geschiedenisprijs 2012

De Nacht van de Geschiedenis viert haar tiende jubileum met een toepasselijk thema: Dranken. Dinsdag 20 maart organiseert het Davidsfonds over heel Vlaanderen 220 activiteiten i.s.m. honderden erfgoedvrijwilligers.Vele dranken en drankproducenten worden er in hun historische context geschetst, en u kan er ook het troostrijk vocht zelf proeven. Er zijn o.a. brouwerij- en stokerij-bezoeken, kroegentochten, whiskyproeverijen, theedegustaties… maar ook lezingen en minder voorspelbare evenementen zoals het bezoek aan een paardenmelkerij of een vlierbloesemaperitief-fabriek. Het volledige programma vind je hier. De bibliotheek maakte n.a.v. deze Nacht van de Geschiedenis een keuzelijst en stelde op de derde verdieping in Bib Zuid een themastand op met een selectie uit deze boeken.

Het Davidsfonds lanceert n.a.v. het tiende jubileum van de Nacht van de Geschiedenis ook een nieuwe geschiedenisprijs, voor personen die zich verdienstelijk gemaakt hebben op het vlak van de popularisering van de geschiedenis. De shortlist van de Davidsfonds Geschiedenisprijs is sinds 5 maart bekend:

- Gita Geneckere voor haar biografie van Leopold I

- Paul Van Damme en Stijn Van de Perre voor het boek ‘Zonder woorden? Een geschiedenis van België in spotprenten’

- Gie Van den Berghe voor het boek ‘Kijken zonder zien. Omgaan met historische foto’s’

- Museumdirecteur Christine Deweerdt is genomineerd voor de vernieuwing van het Gentse Stadsmuseum (STAM)

Roel Daenen als coördinator van de Erfgoeddag

- Televisiemaker Luckas Vander Taelen voor de tv-serie “De Laatste Getuigen”

- Televisiemaker Sven Speybrouk voor het tv-programma “Publiek Geheim”

- Hans Herbots, de regisseur van de tv-serie “Het goddelijk monster” gebaseerd op Tom Lanoye’s “Monster-trilogie”

- Dimitri Casteleyn voor het tv-programma “Drie Generaties”

Lees de rest van dit artikel »

Geef een reactie

500 jaar ° Gerardus Mercator – 400 jaar † Jodocus Hondius

500 jaar geleden, op 5 maart 1512, werd Gerard Mercator geboren. Hij was de beroemdste cartograaf uit de Renaissance en een grote baanbreker in de geschiedenis van de cartografie. Gerard De Cremer, zoals zijn echte naam luidde, maakte de eerste echte wereldatlas. Hij introduceerde trouwens als eerste de term “atlas” voor een verzameling kaarten in boekvorm. De hoekgetrouwe kaartprojectie die hij 1569 toepaste en die later de naam “Mercatorprojectie”  kreeg is nog steeds van groot belang voor de scheepvaart.  In dit Mercatorjaar worden er dan ook veel activiteiten en lezingen georganiseerd over Gerard Mercator en de cartografie in het algemeen. In het Mercatormuseum te Sint-Niklaas onder meer. Nog meer lezingen en info over kaarten cartografie vind je op de website van het Brussel International map Collecotr’s Circle (BIMCC).
In het Gentse Museum voor de Geschiedenis van de Wetenschappen  loopt tot 12 mei nog een tentoonstelling over de geschiedenis van de cartografie  in België sinds de publicatie van de beroemde kaarten van Ferraris en de geschiedenis van de landmeetkundige instrumenten in België.
Op de 3de verdieping in Bib Zuid staat momenteel een themastand met boeken over Gerard Mercator  en een aantal heruitgaven van beroemde atlassen en boeken met historische kaarten .
Je vindt er ook een paar  boeken over Jodocus Hondius.  Want in de schaduw van het Mercatorjaar 2012 wordt immers ook herdacht dat de cartograaf Jodocus Hondius, die zijn jeugdjaren in Gent doorbracht,  vierhonderd jaar geleden, in februari 1612, stierf. Mercator was in de 16de eeuw immers niet de enige bekende cartograaf in onze streken. Jodocus Hondius kocht de gegraveerde koperplaten uit de nalatenschap van Mercator op, vulde ze aan met 36 nieuwe kaarten en gaf twee jaar later met succes de Mercator-Hondius Atlas uit. Meer info hierover vind je ook in dit artikel.

Geef een reactie

Gelezen: De eeuw van de zotheid. Herman Pleij

Donderdag 16 februari wordt de Nederlandse letterkundige Herman Pleij  in de Paarse Zetel geïnterviewd door Griet Pauwels. En 3 dagen later is het carnaval. Geen enkel verband denkt u ? Toch wel… Herman Pleij onderzocht in zijn publicaties over laatmiddeleeuwse literatuur ook tegendraadse, volkse evenementen en figuren, die de gevestigde maatschappelijke orde, de heersende machtsverhoudingen, de burgermoraal en de geldende fatsoensnormen op hun kop zetten en een tijdelijk “spotrijk” creëerden. Zoals vastenavondvieringen – het latere carnaval – of andere volks- en zottenfeesten. Of figuren zoals de Nar bijvoorbeeld. In het boekje “De Eeuw van de Zotheid”  heeft Pleij het uitvoerig over de maatschappelijke functie van deze beroepsdwaas, die vaak door vorsten in dienst werd genomen. Deze nar kon als professionele ordeverstoorder zeggen en doen wat voor andere onderdanen te gevaarlijk was. Zo was het optreden van de nar een geschikte uitlaatklep: hij had een soort ventielfunctie voor maatschappelijk ongenoegen. Pleijs boekje geeft een brede schets van de vele soorten zestiende-eeuwse narren en zotten en hun gebruikte attributen zoals zotskappen of marotten, knotsen met aan het uiteinde een kopie van hun gezicht.
Herman Pleij is een eminente kenner, nee zelfs wandelende encyclopedie van de Middelnederlandse literatuur. Zijn boeken en luistercd’s  zijn dan ook doorspekt met voorbeelden, zinssneden, verhalen en anekdotes uit de literatuur in de brede zin van het woord. Want volgens Herman Pleij vind je literatuur in meer dan boeken alleen, bv. ook in teksten op grafstenen, vloertegels, serviesgoed of in lichtvoetige versjes die droge ambtelijke stukken onderbraken of in rederijkerstoneel, poppentheater, spektakeltoneel, schimpliederen en vele andere uitingen van de orale volkscultuur… Af en toe maakt hij in zijn werk spitante vergelijkingen met onze huidige tijd. En dreigt dan soms wat kort door de bocht te gaan, als hij bijvoorbeeld stelt dat de functie van de middeleeuwse zotte festiviteiten en figuren nu is overgenomen door instellingen zoals het reisbureau – dat “ook in staat is om de onaangename kanten van het bestaan tijdelijk te ontkennen en om te zetten in hun tegendeel”. Maar zijn betoog is steeds met talloze voorbeelden goed onderbouwd, populariserend en dikwijls ook grappig om te lezen.
Of om naar te luisteren. U komt toch ook naar de  Paarse Zetel volgende week ?

Wouter,  collectieverantwoordelijke  geschiedenis

Geef een reactie

Museumnacht 2011 – de Gentse musea in de bib

Donderdag 1 december vindt voor de vijfde keer de Gentse Museumnacht plaats. 9 musea zetten  tussen 18 uur en 1 uur hun deuren open en iedereen kan gratis binnen. Je kan dan niet alleen de vaste collecties maar ook de tijdelijke tentoonstellingen bekijken. De deelnemende musea zijn het SMAK, het Museum voor Schone Kunsten, de Wereld van Kina, het Huis van Alijn, het MIAT, het Design Museum Gent, het Museum Dr. Guislain, het STAM en de Kunsthal Sint-Pietersabdij. Het volledige programma kan je hier terugvinden.
Op de 3de verdieping van Bib Zuid staat naar aanleiding van dit evenement momenteel een themastand met boeken over de Gentse musea en hun collecties.  De bib stelde uit deze boeken een lijst samen.

Geef een reactie

Oudere berichten »
Follow

Get every new post delivered to your Inbox.

Join 81 other followers